Motion

Motion heeft betrekking op het welzijn van hond en gezin. Daarbij kan het volgende worden onderscheiden:

  • Therapie voor de mens
  • Therapie voor de hond

1. Therapie voor de mens

Veel mensen hebben schrik voor honden. Dit kan vele oorzaken hebben, maar welke ook de oorzaak is, het blijft onaangenaam. Want we kunnen ze nu eenmaal niet vermijden. Honden maken deel uit van onze maatschappij en de kans dat we er één tegenkomen is zeer groot.

Wil je deze schrik overwinnen of minstens de baas kunnen, neem dan zeker contact op met mij. Ik kan jullie hier zeker en vast bij helpen. Geen harde confrontaties of extra druk, maar wel op een rustige manier, stap voor stap!

2. Therapie voor de hond

  • Probleemstelling
  • Filosofie
  • Programma

PROBLEEMSTELLING

Meer en meer krijgen we te maken met honden die storend gedrag vertonen.

Voorbeelden van “storend gedrag” kunnen zijn:

  • Plassen in huis
  • Trekken aan de lijn
  • Putten graven
  • Agressie naar andere honden
  • Ongewenst opspringen
  • Voedselnijd
  • Partnergedrag (jaloezie)
  • Territoriumdrang
  • Bezitsdrang
  • Verlatingsangst
  • Te veel en zonder grondige reden blaffen
  • Angstreacties

Er is bewust gekozen voor het woord “kunnen” bij de voorbeelden, want wat storend gedrag is voor één persoon is dat niet noodzakelijk voor iemand anders. Vandaar dat er bij elke situatie moet gekeken worden naar wat de persoon die hulp inroept als storend ervaart.

De meeste problemen (volgens verschillende bronnen in ongeveer 90% van de gevallen) die zich voordoen bij hondengedrag vinden hun oorsprong bij de baasjes en niet bij de honden. De grootste problemen doen zich voor als een baasje zich niet als een goede roedelleider gedraagt. Op dat moment vindt de hond dat hij het leiderschap moet overnemen van zijn baasje en zo ontstaat de miserie.

Dit soort problemen kan niet op een gewone manier in de lessen aan een hondenschool worden opgelost en vereisen een andere aanpak. Op zich komt het erop neer dat de baasjes bewust worden gemaakt van het feit dat zij meestal zelf aan de basis liggen van de problemen. Eens ze dit doorhebben, kunnen we samen op zoek naar de oplossing. Daarbij wordt veel aandacht besteed aan het toepassen van de oplossing. De baasjes moeten immers leren het probleemgedrag in de toekomst te voorkomen.

FILOSOFIE

Elders werd reeds aangehaald dat het uiteindelijke doel moet zijn: een hond in balans. Om dit te kunnen realiseren moeten een aantal punten voor ogen worden gehouden.

Vooreerst moet er ten allen tijde gezorgd worden dat aan de primaire behoeften (de juiste voeding, verzorging, onderdak) wordt voldaan.

Daarnaast is het noodzakelijk dat iedereen van het gezin bij de oplossing betrokken is, en er op dezelfde manier over denkt, want het is tenslotte het gezin dat ervoor zal instaan.

PROGRAMMA

I. Gedragsanalyse

Het programma start altijd met een gedragsanalyse. Hiervoor wordt aan de baasjes gevraagd om op voorhand een inlichtingenfiche in te vullen. Naast de algemene informatie over de hond bevat deze fiche vragen over de leefomstandigheden en het activiteitsniveau van de hond, en wordt er ook gevraagd om een omschrijving te geven van het probleem. Tenslotte wordt de vraag gesteld wat het beoogde resultaat is van de therapie of rehabilitatie. Op deze manier zijn baasjes verplicht om zelf grondig na te denken over het probleem, wat een herstel sterk kan bevorderen.

Nadien volgt een gesprek met de baasjes over de inlichtingenfiche waarbij extra informatie wordt ingewonnen. Tijdens dit gesprek start ook de observatie van het gedrag van de hond. Daarbij wordt sterk gelet op lichaamstaal, houding, gedrag, enz…

De gedragsanalyse wordt dan opgebouwd met de informatie uit de inlichtingenfiche, het gesprek en de observatie.

De duur van de gedragsanalyse bedraagt ongeveer 1,5 uur, afhankelijk van de probleemstelling. Deze zal steeds doorgaan bij het gezin thuis.

II. Therapie

Op basis van de gedragsanalyse wordt een therapie uitgewerkt die het probleem of de problemen moet oplossen. Hierbij wordt steeds voor ogen gehouden dat de oplossing “werkbaar” moet zijn. Dit betekent dat ze door alle leden van het gezin (van zodra ze oud genoeg zijn) moet kunnen worden toegepast. Het zijn immers de baasjes die (weliswaar onder begeleiding en met de nodige training) de therapie zullen uitvoeren.

De duur van de therapie is afhankelijk van de ernst van het probleem en de vorderingen die worden gemaakt. Hiervoor kan op verschillende locaties (thuis, park, winkelstraten,…) worden gewerkt, afhankelijk van de aard van het probleem. Er wordt gewerkt in sessies van ongeveer 1 uur, om de mentale en fysische belasting voor zowel mens als dier niet te zwaar te maken.